Beste Koen,
Afgezien van het verkeerde type lijm, denk ik toch dat de twee vlakken niet volkomen vlak geschaafd zijn. Ook al houd je ze tegen elkaar aangedrukt tegen het licht, dan nóg moet je een aantal keren een ietsje andere hoek nemen om er helemaal zeker van te zijn dat er echt geen kiertje aanwezig is. Wanneer het licht niet precies haaks op de naad staat komt er uiteraard ook geen licht door en denk je dat de naad goed aansluit. Daarom een beetje draaien en heel goed kijken.
De witte houtlijm (poly-vinylacetaat) is in de vioolbouw verboden!
Wanneer je echte huidenlijm gebruikt hoef je helemaal niets te klemmen. Deze lijm heeft de eigenschap de te lijmen delen aan te trekken. Je moet de te lijmen delen voorverwarmen voordat je de warme lijm (in overmaat) opbrengt. Doe je dat niet dan gaat de lijm al vrij snel geleren en dan is het nét rubber en kun je er niet mee lijmen. Ik voer dat voorverwarmen altijd uit met een heteluchtpistool, anderen gebruiken een haarföhn. Niet te heet natuurlijk anders krijg je schroeiplekken, dus een stevige afstand bewaren. Daarbij is de werkruimte behoorlijk ‘opgestookt’, ik heb meestal wel een temperatuur van zo’n 25°C. (Ga je daar onder zitten bijvoorbeeld 20°C, dan treedt het geleren ook eerder op).
Schaven:
Hoe voer je het schaven uit? Klem je de ene helft in de bankschroef en dan met de schaaf vlak schaven? Daarna de andere helft? Ik dacht dat Bert Boon het ook zo deed. Er zijn verschillende manieren en Bert doet het anders dan ik het doe. Staat ergens op dit forum wel vermeld. Ik gebruik de zijkant van de rijschaaf, terwijl het te schaven vlakgemaakte deel op het blad van mijn werkbank (vroeger gebruikte ik daarvoor de 'Workmate') ligt. (Staat ook ergens wel op dit forum, zelfs met plaatje erbij! Dat plaatje laat echter vastgeklemde bladdelen zien, en je kunt door het klemmen ook een beetje vervorming introduceren als de onderkant van het blad niet volkomen vlak is, vandaar dat ik hier het uit de hand schaven noemde om dat te voorkomen). Die kun je met de ene hand goed vasthouden als je de zijkant laat steunen tegen een uitstekend stukje hout o.i.d. om schuiven te voorkomen, terwijl je met de andere hand de schaaf bedient. De schaafbeitel moet beslist super scherp zijn en heel fijn zijn ingesteld. Je moet er heel weinig vanaf halen. Daarmee voorkom je ook dat de helften al gauw té smal worden en niet meer gebruikt kunnen worden. Het voordeel hiervan is vind ik, dat je altijd een rechte hoek hebt ten opzichte van de bodem van je bladhelft. Voor de andere helft geldt dezelfde procedure. Het schaven gaat bij Fichte gemakkelijker dan bij het esdoorn.
Lijmen:
Gebruik huidenlijm, aangemaakt in de juiste sterkte: niet te dun en niet te dik. Eerst een half uur laten zwellen in onverwarmd water. Daarna de temperatuur opvoeren maar niet boven de 70°C laten komen, omdat dan de hechtkracht afneemt. Verwarmen 'au bain marie' is het meest geschikt. Sommigen gebruiken zelfs een babyflessenwarmer: schijnt ook prima te gaan. Als de lijm te dik is en je gaat aan het lijmen, krijg je twee helften met daartussen een zichtbare (= te dikke) lijmnaad. Ook geleert een dikke lijm eerder dan een dunne lijm. De truc is de juiste consistentie te bereiden. Je kunt een beetje lijm tussen duim en wijsvinger nemen en een ronddraaiende beweging maken. Voelt het ‘waterig’ aan dan is de lijm te dun. Voelt het ‘olieachtig’ aan dan is de lijm goed. Het beste is een hoeveelheid lijm te nemen met de juiste hoeveelheid water. Dat is in het begin best nog wel moeilijk in te schatten. Men zegt dat je een te dikke lijm niet meer moet verdunnen, maar ik heb altijd zonder negatieve effecten een wat te dikke lijm verdund door een aantal druppels heet water toe te voegen en te mengen. (Andersom gaat veel moeilijker, dus je kunt beter te dik hebben dan te dun!!)
Vóór het lijmen breng je de twee vlakken tegen elkaar en verschuift dusdanig dat je de beste positie hebt gevonden waarbij alles goed aansluit zonder een kier. Is die situatie niet haalbaar dan kan nog niet met lijmen worden begonnen. Is dat wél zo, zet dan een merkteken die over beide bladhelften loopt. Je klemt daarna het ene bladdeel in de bankschroefklem, je zet de andere helft zodanig neer dat beide te lijmen vlakken worden voorverwarmd. Als dat is gebeurd breng je een overmaat hete lijm op het lijmvlak en brengt de andere helft op het geklemde deel. Je moet nu drukken en heen en weer schuiven. Op een zeker moment voel je dat de lijm bijna pakt. Dan moet je snel de juiste positie innemen (merktekens tegen over elkaar brengen!) en niet meer bewegen. Daarna in de goed verwarmde ruimte laten drogen. Na een aantal uren (3 – 4) is de lijm voldoende uitgehard, maar als de tijd het toelaat kun je beter nog wat langer wachten. Doordat er overmaat lijm werd opgebracht loopt wat er teveel aan lijm was uit de naden. Die lijmt droogt uiteraard ook op en daaraan kun je bepalen of de lijm al voldoende uitgehard is.
Er zijn ook andere methoden, waarbij bij het samenvoegen wél geklemd wordt. Het is maar nét wat je gewend bent. Ik beschreef hierboven hoe ik het doe. Misschien dat er literatuur is die een andere methode goed beschrijft.
Zoals met bijna alles: oefening baart kunst. Maar als je het niet probeert zal het nooit lukken. Misschien leidt dit tot het gewenste resultaat? Laten we het hopen. Succes.
Frits