Er is onlangs een zeer omstreden artikel gepubliceerd in The Nature Magazine, geschreven door Dr. Nagyvary, de bekende wetenschapper en vioolbouwer. Het wetenschappelijk onderzoek en de interpretatie van de resultaten zijn op dit moment onderhavig aan vele discussies. Ook zijn velen verbaasd over het feit dat dit artikel door de selectie kwam, want aan alle kanten worden vraagtekens geplaatst bij dit onderzoek en de conclusies. Een artikel geplaatst krijgen in dit Magazine is een crime, dan moet je wel wat in je mars hebben. In dit zelfde Magazine werd destijds ook het onderzoeksresultaat geplaatst van de alpha-helix structuur van DNA, ontdekt door Watson en Crick, de latere Nobelprijswinnaars.
Om kort te gaan –want het past geheel in de topic van ‘ons’ forum: Houtworm- heeft Stradivarius de geweldige klank van zijn instrumenten te danken aan de houtworm en de combinatie met een keiharde gronderingslaag, aldus Nagyvary. De kritiek die je ook nu weer tegenkomt richt zich voornamelijk op de onjuistheid hedendaagse instrumenten te vergelijken met de door Stradivarius gebouwde. Ook al zou je hedendaagse violen laten doorknagen door houtworm en voorzien van een puimsteen laagje als grondering gevolgd door een chemische behandeling tegen houtworm met een Borax-oplossing, dan nòg krijg je geen Stradivarius. Daarbij werden zo hier en daar een paar houtmonsters van onder andere een authentieke Stradivarius “The Taft” (bj 1717), hele dunne schaafsels genomen vanuit de binnenkant. Deze selectie werd beschouwd het gehele houtwerk van de bladen te vertegenwoordigen. Het is natuurlijk ook ondoenlijk om een gehele echte Stradivarius daar aan op te offeren, maar ja dan heeft het wel conseqenties voor de eindconclusie. Wie laat zijn kostbare instrument nou 'mishandelen' uit pure liefde voor de wetenschap?
Het onderzoek is gebaseerd op slechts een vijftal gerenommeerde instrumenten waaronder een cello en een viool van Stradivarius, een Guarneri (1741), een viool van Grand-Bernardel (ca. 1740) en een Engelse viool gebouwd door John Jay in 1769. Statistisch gezien daarom al erg magertjes voor wat betreft het aantal geselecteerde monsters om daar zo’n gewichtige conclusie aan te verbinden.
In de link: http://www.newscientisttech.com/article.ns?id=dn10686&feedId=online-news_rss20 , staat dat Nagyvary in 1998 ontdekte, dat wanneer esdoornbladen behandeld worden met zoutwater en grapefruitsap, een instrument gemaakt kan worden welke met een oude Stradivarius kan wedijveren (!). In 2001 ontdekte diezelfde man, dat Borax toegepast als anti-wormbehandeling een zeer gunstig effect op de klankvorming zou hebben. De boraxbehandeling gebruikte Stradivarius ook, aldus Nagyvary. (Hoe weet Nagavary dat zo precies??)
De muziekcurator John Whiteley, verbonden aan het Ashmolean museum te Oxford (UK), is bijzonder sceptisch over het gepubliceerde artikel en zegt dat de vorm van de resonerende body en de curvatuur (welving) nog altijd de klankbepalende factoren zijn in combinatie met een goede houtkeuze en vakmanschap van de bouwer.
Met deze laatste uitspraak kan ik me geheel verenigen.
Frits
Om kort te gaan –want het past geheel in de topic van ‘ons’ forum: Houtworm- heeft Stradivarius de geweldige klank van zijn instrumenten te danken aan de houtworm en de combinatie met een keiharde gronderingslaag, aldus Nagyvary. De kritiek die je ook nu weer tegenkomt richt zich voornamelijk op de onjuistheid hedendaagse instrumenten te vergelijken met de door Stradivarius gebouwde. Ook al zou je hedendaagse violen laten doorknagen door houtworm en voorzien van een puimsteen laagje als grondering gevolgd door een chemische behandeling tegen houtworm met een Borax-oplossing, dan nòg krijg je geen Stradivarius. Daarbij werden zo hier en daar een paar houtmonsters van onder andere een authentieke Stradivarius “The Taft” (bj 1717), hele dunne schaafsels genomen vanuit de binnenkant. Deze selectie werd beschouwd het gehele houtwerk van de bladen te vertegenwoordigen. Het is natuurlijk ook ondoenlijk om een gehele echte Stradivarius daar aan op te offeren, maar ja dan heeft het wel conseqenties voor de eindconclusie. Wie laat zijn kostbare instrument nou 'mishandelen' uit pure liefde voor de wetenschap?
Het onderzoek is gebaseerd op slechts een vijftal gerenommeerde instrumenten waaronder een cello en een viool van Stradivarius, een Guarneri (1741), een viool van Grand-Bernardel (ca. 1740) en een Engelse viool gebouwd door John Jay in 1769. Statistisch gezien daarom al erg magertjes voor wat betreft het aantal geselecteerde monsters om daar zo’n gewichtige conclusie aan te verbinden.
In de link: http://www.newscientisttech.com/article.ns?id=dn10686&feedId=online-news_rss20 , staat dat Nagyvary in 1998 ontdekte, dat wanneer esdoornbladen behandeld worden met zoutwater en grapefruitsap, een instrument gemaakt kan worden welke met een oude Stradivarius kan wedijveren (!). In 2001 ontdekte diezelfde man, dat Borax toegepast als anti-wormbehandeling een zeer gunstig effect op de klankvorming zou hebben. De boraxbehandeling gebruikte Stradivarius ook, aldus Nagyvary. (Hoe weet Nagavary dat zo precies??)
De muziekcurator John Whiteley, verbonden aan het Ashmolean museum te Oxford (UK), is bijzonder sceptisch over het gepubliceerde artikel en zegt dat de vorm van de resonerende body en de curvatuur (welving) nog altijd de klankbepalende factoren zijn in combinatie met een goede houtkeuze en vakmanschap van de bouwer.
Met deze laatste uitspraak kan ik me geheel verenigen.
Frits