Tobias, je zwamt er weer lustig op los! "Boertig", is dat een nieuw bijvoeglijk naamwoord om een viool mee te classificeren? Dat je redelijk veel van deze violen hebt gezien, verbaast me, want Montagnana-violen zijn uiterst zeldzaam. "Der Alte Meister Geigen" ken ik niet, maar ik heb even gekeken in Karel Jalovecs "Enzyklopädie des Geigenbaus", deel II, blz 100, en Jalovec is geen kleine jongen, hij noemt de violen van Montagnana "von hervorragender Qualität. hij heeft het over "geschmackvolle Schnecken und sehr schöne,nach Giuseppe Guarneri geschnittene F-Löcher." Verder:"Verwendete tadellosen, feurigen goldroten Lack. Stellte nur wenige instrumente her." Tja, en die heb jij allemaal gezien en die vond jij boertig. Jalovec heeft het niet over "bauernartig", dus ja, ik weet niet, ik zou voordat ik iets op dit forum zet eerst even de beschikbare informatie tot me nemen. Bovendien: wat is een stevige, robuste viool? Heeft die een ander formaat en andere verhoudingen, dikkere hals en knolleriger krul? Oke, ik woon op het platteland, er rijden hier wel eens boerinnen langs op trekkers die ik "stevig en robust" zou willen noemen, maar een viool? Atse Sytsma bouwde violen die soms wat zwaar waren, flink in het hout, die zou ik robust willen noemen, maar ze zagen er verder gewoon uit, net als andere violen. Boertig, het is me wat!