Tobias †
|♫♫|♫

Kijk hem daar nu staan mijn oude wat slordig gebouwde viool. Hij ligt al een mensenleven in zijn koffer. Af en toe haal ik hem er even uit en bekijk hem. Het is de viool, die ik als jongen bespeelde. Het was de tweede viool die ik kreeg.
Op een mooie winterdag ging ik met mijn Moeder naar Amsterdam.
In de Raadhuisstraat was een winkel waar ze gebruikte muziekinstrumenten verkochten.
Het was vol in het zaakje, en van alle kanten keken gebruikte muziekinstrumenten ons wat droevig aan. Een oude magere wat morsige man met een vettig hoedje op het hoofd kwam uit een achtereind. Mijn Moeder zei dat we een viool zochten maar niet zo'n dure. De man verdween weer in het achtereind en kwam er even later met een viool in zijn hand weer uit. Met een bijna teder gebaar zette hij de viool tegen een oude accordeon, wat moet die kosten vroeg mijn moeder. Dertig gulden zei hij en hij keek haar daarbij aan alsof hij haar een oneervol voorstel deed. Mijn Moeder schudde met haar hoofd en zei, veel te duur. Nou vooruit zei hij vijfentwintig dan. Voor die prijs wil ik er ook een stokje bij zei mijn Moeder. De man ging weer naar achteren en kwam even later met een klein stokje in zijn hand de winkel weer in. Het is een 3/4 stokje zei hij precies geschikt voor hem. Mijn Moeder knikte en lag een biljet van vijfentwintiggulden op de toonbank. De man deed de viool en het stokje in een grote bruine papieren zak, waarmee ik even later gelukkig en blij in Raadhuisstraat liep.
Laatst bewerkt: