@Jean,
Ik weet niet wat de bedoeling ervan was, maar het ‘praktijktestje’ bewijst niet meer dan dat een stukje Fichte onder bepaalde omstandigheden kan breken.
De inrichting van het ‘experiment’ vertelt niet of het proefstukje opwaarts dan wel neerwaarts werd onderworpen aan een kracht, want dat zal ook uitmaken.
Daarbij kan ook nooit beweerd worden, dat “de soepelheid” is toegenomen, want dat zou dan gemeten moeten zijn ten opzichte van een ander proefstukje, zodat de gemeten(!) waarden vergeleken kunnen worden.
Een nerf die ‘logaritmisch langer’ wordt, lijkt me onmogelijk.
De grafiek van post #72, toont geenszins aan dat het hier een logaritmisch verband betreft. Het lijkt me eerder een hyperbolische functie met de Y-as als asymptoot. Ook wanneer ik de log-waarden van de sinus uitzet krijg ik geen lineair verband!
Maar ik laat de wiskundige formulering even rusten en houd me verder bezig een pseudo-3D plaatje te construeren van de raaklijnhoeken aan het oppervlak van het bovenblad en dan ook nog beschouwd in de lengterichting.
De data heb ik vrij gemakkelijk kunnen genereren vanuit de gegevens van de isohypsen (post #70). Ik heb er ook wel een plaatje van kunnen maken en dat gaat heel veel lijken op jouw ‘vlinderplaatje’. Waar ik nog mee bezig ben is het duidelijker te krijgen, want ik ben een beetje beperkt in de kleurkeuze, waardoor het resultaat te wensen over laat.
En dan zijn ‘we’ er nog niet: want het doel is een iso-angulair plaatje te kunnen construeren. Maar het gaat stapsgewijs.
Frits
Ik weet niet wat de bedoeling ervan was, maar het ‘praktijktestje’ bewijst niet meer dan dat een stukje Fichte onder bepaalde omstandigheden kan breken.
De inrichting van het ‘experiment’ vertelt niet of het proefstukje opwaarts dan wel neerwaarts werd onderworpen aan een kracht, want dat zal ook uitmaken.
Daarbij kan ook nooit beweerd worden, dat “de soepelheid” is toegenomen, want dat zou dan gemeten moeten zijn ten opzichte van een ander proefstukje, zodat de gemeten(!) waarden vergeleken kunnen worden.
Een nerf die ‘logaritmisch langer’ wordt, lijkt me onmogelijk.
De grafiek van post #72, toont geenszins aan dat het hier een logaritmisch verband betreft. Het lijkt me eerder een hyperbolische functie met de Y-as als asymptoot. Ook wanneer ik de log-waarden van de sinus uitzet krijg ik geen lineair verband!
Maar ik laat de wiskundige formulering even rusten en houd me verder bezig een pseudo-3D plaatje te construeren van de raaklijnhoeken aan het oppervlak van het bovenblad en dan ook nog beschouwd in de lengterichting.
De data heb ik vrij gemakkelijk kunnen genereren vanuit de gegevens van de isohypsen (post #70). Ik heb er ook wel een plaatje van kunnen maken en dat gaat heel veel lijken op jouw ‘vlinderplaatje’. Waar ik nog mee bezig ben is het duidelijker te krijgen, want ik ben een beetje beperkt in de kleurkeuze, waardoor het resultaat te wensen over laat.
En dan zijn ‘we’ er nog niet: want het doel is een iso-angulair plaatje te kunnen construeren. Maar het gaat stapsgewijs.
Frits