Eigenlijk is het een ‘gewone’ viool maar je speelt er jazz op. Ik kan mij nog goed herinneren dat zo’n jaar of 45 geleden ene Frans Poptie jazzmuziek maakte. Die muziek schalmde nog wel eens uit de luidspreker wanneer ik op de kappersstoel zat. Niet dat ik het nu direct mooi vond, neen dat was eerder de keuze van de kapper. Maar naarmate ik er meer op lette wanneer de haren weer gekort moesten worden, kwam er wel een zekere interesse bij me op, hoe je op de viool op een jazz-achtige manier moest spelen. Ik speelde in die tijd net een paar jaar viool en kwam tot de conclusie dat de viool van Frans Poptie wel een heel speciale klank had en dat er wel een heel vreemdsoortig vibrato op werd toegepast. De klank was niet echt helder en moest een bepaalde sonoriteit hebben want alleen dàt paste goed bij het soort muziek. Ik vond het toen een vreemde gewaarwording, ik kende die klank (nog) niet en werd nog meer gefascineerd door het instrument: de viool.
Zo vind ik zigeunermuziek (Tato Mirando met gitaarbegeleiding bijvoorbeeld) erg goed en ook dìe violen hebben een speciale klank: melancholisch en in staat om dramatiek te vertolken. Als bouwer valt je dat op en probeer je die klank te analyseren en te kaderen, te duiden zoals dat ook wel heet.
Zo vind ik zigeunermuziek (Tato Mirando met gitaarbegeleiding bijvoorbeeld) erg goed en ook dìe violen hebben een speciale klank: melancholisch en in staat om dramatiek te vertolken. Als bouwer valt je dat op en probeer je die klank te analyseren en te kaderen, te duiden zoals dat ook wel heet.