Tom, aan je laatst geplaatste foto kun je zien dat de hals nauwelijks of niet in het corpus is ingelaten: dat is de oude bouwwijze uit de barok. Dat kán er dus op wijzen dat je een oude viool hebt. Als je op internet een constructietekening van een viool opzoekt (die zijn er), kun je zien dat waar de hals het corpus raakt een klos zit, de bovenklos. In de barokperiode werd eerst de hals tegen het corpus gelijmd, hierbij werd de verbinding verstevigd met één of meerdere stevige spijkers, nagels is hier een beter woord, die van binnen uit door de klos in de halsvoet werd(en) gedreven. We weten niet of de gaten in de halsklos ook werden voorgeboord, maar zonder voorboren kan de halsvoet splijten. Als de hals vastzat, werd het bovenblad op het corpus gelijmd. Als nu de hals gemoderniseerd werd, moest het corpus open, want men wilde ook de zangbalk (zie dus tekening!) vergroten. Soms werd bij deze operatie de bovenklos vervangen door een nieuwe. Maar áls de oude bovenklos gewoon bleef zitten, dan kun je in die klos de spijkergaten nog zien zitten. Dat zijn geen gaatjes, het zijn gaten.
Vandaar ook mijn, zoals Frits dat uitdrukt, sarcastische woorden voor Chris: als je op basis van die eerste foto' s al kunt constateren dat de viool niet authentiek is, dan ben je een zwamneus (belligerent!), want je kunt die conclusie pas trekken op het moment dat je halsconstructie goed kunt bekijken. En op je eerste foto' s was dat niet mogelijk. Of het etiket echt is, kan ik niet beoordelen, er is veel met etiketten gerommeld.
Als jouw viool inderdaad een gemoderniseerde 18de eeuwse viool is, dan kun je deze tamelijk simpel weer barok (laten) maken, want je hebt de originele, weliswaar aangepaste, hals nog: een goede vioolbouwer kan de oude constructie herstellen en daarbij dus ook een nieuwe, kleinere zangbalk plaatsen. De viool wordt dan wel wat zachter, maar voor oude muziek is zo'n instrument heel geschikt.