Ik kreeg van een klant van mij een boek te leen met de interessante titel “Strijkinstrumenten vroeger en nu” geschreven door Louis Metz. Het gaat om de tweede druk (1979) die is bewerkt door Matthieu Besseling de bekende vioolbouwer uit Amsterdam.
Veel van het geschrevene over de bouw was mij bekend, maar bij het hoofdstuk ‘Materiaal van de Strijkstok’ las ik toch een aantal interessante wetenswaardigheden die ik hierbij graag door wil geven. (Geen citaat maar eigen samenvatting om niet in conflict te raken met het auteursrecht).
Over het haar:
Over hars:
De kwaliteit is van invloed op de toonvorming. Een opmerkelijke zinsnede over jonge violisten die hun stok niet regelmatig harsen, maar de procedure hanteren bijna nooit en dan plotseling heel veel. Het probleem is dan dat de toonvorming dusdanig is, dat er gewenning optreedt aan een verkeerde stokdruk om nog een toon te krijgen.
De dikte van de snaar, het materiaal waaruit de kern bestaat en de omwikkeling bepalen mede welke hars geschikt is. De omwikkeling kan ook nog plat (Aluminium) of rond zijn (Zilver, Chroomstaal), wat ook weer van invloed is op het ‘pakken’ van de snaar met de hars. In al deze gevallen moet de aangrijpkracht van de hars voldoende zijn.
Veel van het geschrevene over de bouw was mij bekend, maar bij het hoofdstuk ‘Materiaal van de Strijkstok’ las ik toch een aantal interessante wetenswaardigheden die ik hierbij graag door wil geven. (Geen citaat maar eigen samenvatting om niet in conflict te raken met het auteursrecht).
Over het haar:
- De microscopische structuur van zwart haar is volkomen gelijk aan die van wit haar.
- De dikte van het haar kan invloed hebben op het breken (dunner haar breekt sneller) of het vasthouden van de hars: dik haar houdt de hars slechter vast dan dun haar.
- Oud haar breekt sneller.
- Goed haar is elastisch: het beste paardenhaar kan 300 gram trekkracht trotseren zonder te breken. Die elasticiteit is van belang omdat het de speler de mogelijkheid geeft fors ‘aan te pakken’.
- Het resultaat van de gehele beharing is afhankelijk van de dikte en de spanning van de haren: hoe meer spanning hoe meer boventonen tot klinken komen.
- De haarspanning verandert wanneer er een te groot aantal haren zijn gebroken. Dat gebeurt meestal niet symmetrisch verdeeld over de haarband.
Over hars:
De kwaliteit is van invloed op de toonvorming. Een opmerkelijke zinsnede over jonge violisten die hun stok niet regelmatig harsen, maar de procedure hanteren bijna nooit en dan plotseling heel veel. Het probleem is dan dat de toonvorming dusdanig is, dat er gewenning optreedt aan een verkeerde stokdruk om nog een toon te krijgen.
De dikte van de snaar, het materiaal waaruit de kern bestaat en de omwikkeling bepalen mede welke hars geschikt is. De omwikkeling kan ook nog plat (Aluminium) of rond zijn (Zilver, Chroomstaal), wat ook weer van invloed is op het ‘pakken’ van de snaar met de hars. In al deze gevallen moet de aangrijpkracht van de hars voldoende zijn.