Remi,
Hmmm, ja. Ik denk dat ik je commentaar begrijp. Je verwijt mij een beetje dat ik die plaatjes gebruik –of, zo je wilt- misbruik, om aan te geven waar mevrouw Kathy Matsushita de fout in ging. En daarmee zeg je eigenlijk ook meteen, dat alle lol en enthousiasme er als amateur-bouwer wel afgaat en zelfs de grond in wordt geboord, wanneer er alleen maar op wordt gelet wat verkeerd ging of beter moet. Waarom altijd maar bekritiseren en een foutje trachten te vinden? En dan lanceer ik (Frits) ook nog een soort cursus in het vinden van fouten op een werkstuk van iemand die vol trots haar eerste zelf gebouwde viool op het web presenteert. En wanneer jij, Remi, je dan als amateur-bouwer vereenzelvigt met Kathy ja, dan heb je ’t wel weer gehad met die Frits die altijd maar kritiek levert en nooit eens zegt: “voor een amateur ziet dat er best aardig uit, knap gedaan”.
Is dit een beetje de weergave van je gedachtegang en hoe je aankijkt tegen zo’n ‘fault-finding mission’?
Misschien dat ik je uit kan leggen wat mij beweegt deze benadering erop los te laten. Laat ik de volgende twee waar gebeurde verhalen vertellen:
1)
in de pauze van een orkestrepetitie kwam iemand met zijn viool op mij af. Hij vroeg mij of ik zijn viool eens wilde ‘uitproberen’ om hem te laten weten wat ik er van vond. Hij vond dat ik nogal goed kon spelen (was ook zo

) en hij niet. Ik deed dat dus en testte zo het een en ander uit. Daarna gaf ik onomwonden mijn commentaar, wat er op neer kwam dat ik “de G-snaar slecht” vond en de “rest van de snaren te mat”. Toen zei ik ook nog zoiets van: “’k ben blij dat het mijn viool niet is”. Ik gaf de viool aan hem terug waarna hij zei, dat ‘ie ‘em zelf gebouwd had en dat hij erg blij was met mijn commentaar. Dat heeft mij later tot nadenken gedreven, want wanneer ik had geweten dat het instrument zijn eerste zelf gebouwde was, zou ik mogelijkerwijs kritiek geleverd hebben in veel mildere bewoordingen. Later werd deze man mijn grote collega-bouwer en hebben we veel wetenswaardigheden uitgewisseld. Maar hij zei ook, dat hij me dankbaar was dat ik er toen niet omheen draaide!
2)
Een andere amateur-bouwer (‘ k weet niet meer waar) liet mij zijn eerste zelfgebouwde instrument zien en zei direct al, dat hij hem zèlf gebouwd had. Dus ik was op m’n hoede. De top (bovenblad) zag er best aardig uit, maar toen ik de viool omkeerde, bleek dat de middellijn absoluut niet een centrale lijn meer was. De ‘button’ was volledig asymmetrisch en daarmee het hele achterblad. Dat viel onmiddellijk op. Ik zei: “Jammer, dat er hier nogal wat is misgegaan, dat maakt het hele instrument gelijk kreupel”. Hij pakte daarna de viool weer uit m’n handen, zonder dat ik er maar een noot op gespeeld had of liever op had
kunnen spelen. Was een beetje gepikeerd, dat mij dat direct opviel, denk ik.
Nu even terug naar mijn ‘zoek-de-fouten’ plaatjes. Ik heb ze alleen maar bedoeld als een soort leren zien waar de schoonheid van het lijnenspel en vormen niet gehaald wordt. Want dat is net zo als bij het snijden van een krul. Ik gebruik bijna nooit een mal waarin alles identiek wordt aan de vorige krul, neen ik heb de contouren vastgelegd en dan kijk ik ernaar. Eerst op een bepaalde afstand en dan van een grotere afstand, soms zie ik iets wat niet klopt aan de voortgang van de lijnen, corrigeer deze en kijk weer. Na lang kijken zeg ik dan, “ja, veel beter”. [dat is
niet hetzelfde als: ja, nu is het goed"!!] Draai de krul nog eens om, tracht te vinden waar het nog niet klopt, want iets doet mij ‘zien’ en ‘voelen’, dat het nog niet goed is. En dan, vind je het, voert de correctie uit en opeens is het een pracht krul. En dan kan het een week later zijn, dat je weer iets ziet wat niet klopt. Maar hoe zie je dat nou? Waar moet je dan naar kijken en op letten? Dat is nu de essentiele vraag!
Dat hele proces, van steeds weer proberen te zoeken naar en vinden van die meest ideale lijn, dat wilde ik proberen te trainen met een vijftal van die plaatjes. Wanneer je daar oog voor krijgt, is je eerste zelfgebouwde viool niet alleen maar het resultaat van in elkaar gelijmde onderdelen, maar maak je een kunstwerk en wordt je, neen ben je: kunstenaar.
Ten slotte:
Ik hoop met deze reactie vooral Remi ‘bereikt’ te hebben. Daarbij hoop ik ook dat het duidelijk is geworden, dat het me echt niet gaat om iemand af te kraken en zijn/haar enthousiasme voor het zelfbouwen te ontnemen. Maar wanneer je altijd hoort dat alles wat je gemaakt hebt goed is, lijkt me dat je jezelf voor het lapje houdt. Dat doe je ook wanneer je je creatie altijd laat beoordelen door iemand van wie je weet dat hij mild en vol lof zal zijn. Die keuze kun je zelf bepalen.