remi schreef op 14/12/2006:
We schrijven:
13 december 2006
Proeflakken met de in de kelderbox “gevonden” lak.
Verder te noemen #1, #2 en #3.
#1 is op olie basis en heeft geen vlies op de lak toen ik het blik openmaakte.
#2 is ook op olie basis maar heeft een duidelijk vlies (met pareltjes er op),
#3 is het probeersel op basis van alcohol en veel schellak.
Om de lak te proberen neem ik een stuk essen multiplex wat ik eerst schuur en vervolgens goed stofvrij maak. Voor het opbrengen van de drie lak soorten gebruik ik voor iedere soort een eigen kwast zodat er geen kruisbestuiving kan ontstaan. En de lakken elkaar kunnen beïnvloeden.
Als eerste resultaat mag in noteren dat de spirituslak enorm snel droog slaat en als eerste afvalt, ook is hij te dun, bijna waterig.
De lak #1 (zonder vlies) is makkelijk op te brengen, slaat een klein beetje weg op het blanke hout maar blijft vloeibaar en zichtbaar.
De lak #2 (met vlies) is vrij dik en stroperig laat zich wel mooi opbrengen en blijft aan het oppervlak.
Toch wil ik graag doorgaan met ik denk op het ogenblik lak #1 maar daar zijn meerdere laklagen voor nodig en meet testen.
Vanaf nu met verslag legging en niet langer op de bonnefooi.
Recept volgen en notuleren,bij houden en notuleren, bijhouden wat de resultaten zijn. En ga zo maar door.
Weer wat geleerd.
Ik wilde jullie dit niet onthouden, blijft kijken en volgen, er komt meer.
Nu eerst naar de kelderbox om het blik lak te halen.
Remi
Remi,
Ik heb je epistel doorgelezen en heb inderdaad een aantal opmerkingen. Dat is denk ik niet erg, wanneer je er je gedachten over wilt laten gaan en misschien iets ervan kunt toepassen.
Wat mij opviel aan je proefstukjes hout is, waarom je niet eenzelfde type hout neemt als die waaruit het instrument samengesteld gaat worden. Een relatief poreus Fichte gedraagt zich heel anders dan een stuk Eiken of Essen en al helemaal vergeleken met het qua structuur, dichtere esdoorn.
Bovendien zal de essen multiplex aan weerszijden van iedere laag voorzien zijn van een lijmlaagje, die een barrière zou kunnen vormen voor de lak. Dan vermeld je nergens of je ook een sealer gebruikt. Ik neem daarom maar aan, dat dat niet het geval is, waardoor het verschil in porositeit een correcte vergelijking al helemaal niet meer toestaat. Want stel, je vindt heel acceptabele resultaten met een bepaalde soort lak op een –laten we zeggen- stuk essen. Zal het resultaat dan ook hetzelfde zijn bij toepassing op een stukje Fichte? Het doordringend vermogen wordt mede bepaald door de viscositeit van de lak: een ‘dunne’ lak dringt veel dieper in je houtstructuur dan een ‘stroperige’ (dikke) lak.
Dat verschil in gedrag kun je voorkomen door een sealer toe te passen. Dan dringt de lak niet in het hout. Wanneer je dan voor alle te onderzoeken lakken (nagenoeg) dezelfde viscositeit hebt, mag je ze -statistisch en experimenteel gezien- ook vergelijken.
Je zegt ook ergens dat de spiritlak veel te dun, te waterig is. Dat moet je voorkomen, omdat lakken met een te dunne lak het probleem in zich hebben, dat ze zich zonder kwast al verspreiden. Dat is een ongecontroleerde verspreiding en alleen wanneer de lak dikker is, kan die richting worden gegeven, met een kwast. Bedenk daarbij ook, dat het lakken met een spiritlak vele malen moeilijker is dan het lakken met een olielak. Iemand die de kunst verstaat een instrument met een spiritlak te lakken, zal geen enkele moeite hebben dit met een olielak te doen. Met de laatste kun je de kwast vele malen dezelfde plek laten behandelen. Doe je dat bij een spiritlak, dan trek je òf de lak er weer af, òf je trekt de haren uit de kwast.
Eerder had ik het over de viscositeit. Ergens lees ik in je post ook, dat de lak die je gebruikt uit de kelder komt. Die zou dus redelijk koel kunnen zijn? Bedenk dat de viscositeit sterk afhankelijk is van de temperatuur, zodat een te dikke koele lak juist precies goed kan zijn bij kamertemperatuur om opgebracht te worden.
Een te dunne spiritlak kan eenvoudig dikker gemaakt worden door de alcohol te laten verdampen. Dat gaat het beste bij een groot oppervlak: overschenken naar een schoteltje bijvoorbeeld, kan al een aanzienlijke tijdwinst geven bij het verdampen. Wees wel voorzichtig, want alcoholdamp is behoorlijk brandbaar! De spiritlak moet de juiste viscositeit hebben, het resultaat is daar sterk van afhankelijk. In ieder geval niet te dun, anders ‘lakt’ de viool zichzelf automatisch!
Een te dunne olielak laat zich ook wel indikken, maar dan heb je wel een veel hogere temperatuur nodig om het medium (terpentijn of lijnolie) te verdampen. Daar moet je dan weer de geschikte spullen voor hebben: kolven, kookplaatje, thermometer e.d.